Tags

, , , , , , ,

De Torres del Paine's indrukwekkende oostwand ©Bram

Ondertussen zijn we al weer ruim drie weken in het uiterste zuiden van Chili. Na het verslag van onze laatste geslaagde beklimming in El Chaltén (Argentinië), halverwege december, heb ik niets meer geschreven. Een verslag van die (moeilijke) weken volgt later, eerst onze belevenissen hier in het nationaal park Torres del Paine.

Het hoogste punt bereikt in onze pogingen op de Fitzroy ©Sanne

Op 31 december komen we vermoeid aan in Puerto Natales, waar zee en bergen elkaar harmonieus ontmoeten. Het eerste dat we horen, is dat het beroemde nationale park in de fik staat, een onachtzame Israëli heeft de enorme bosbrand veroorzaakt. Een ramp voor het park, de natuur, fauna en flora, maar ook voor de lokale economie. Er werd aangekondigd dat het park voor de hele maand januari gesloten zou blijven om van de brand te bekomen. Wat teleurgesteld vieren we Nieuwjaar en besluiten om de volgende ferry naar het noorden te nemen en te gaan klimmen in Cochamo. Op 1 januari gaan we sportklimmen aan de laguna Sofia, om hier toch iets geklommen te hebben. Een wilde plek tussen de condors.

Klimmen tussen de condors aan laguna Sofia ©Sanne

Op 2 januari hebben we al boarding passes in de hand voor de ferry, als we de geruchten horen dat een deel van het park toch open zou gaan, nb het gedeelte waar we willen klimmen. In een impuls ruilen we onze tickets voor de ferry weer om en we blijven. Het park zou ten vroegste over enkele dagen open gaan en we maken van de gelegenheid gebruik om even naar Punta Arenas te reizen, aan de Estrecha Magellanes. De zuidelijkste stad van Chili  (het bekendere Ushuaia ligt iets zuidelijker en is in Argentinië) is vrij mooi en we doen er een fantastische boottocht naar een eiland met een grote pinguïnkolonie.

Magellaanse pinguïns op Isla Magdalena ©Sanne

Ondertussen bleken de geruchten gegrond en op 6 januari komen we gepakt en gezakt voor ruim 10 dagen klimmen als eerste klimmers aan de gate van het park.  De administratieve formaliteiten nemen wat tijd in beslag, maar dezelfde dag stijgen we, met twee van onze vier zakken, in naar het campamento Japones, onderaan de Valle del Silencio. Dit kamp is enkel voor klimmers toegelaten en we zijn er helemaal alleen. Afgezien van wolken muggen dan. De volgende dag doen we hetzelfde traject op en neer om onze laatste twee zakken op te halen.

Tijdens de vele trajectjes omhoog met materiaal ©Sanne

Campamento Japones ligt nog erg ver van de routes en geplaagd door de muggen, gaan we op zoek naar een beter onderkomen. Een uur stappen hogerop, ligt er een bivak onder een gigantische boulder, een beetje muf en er is geen water. Nog wat hogerop vinden we een mooi zanderig plekje, beschut door wat boulders en met water. We besluiten om alles hierheen te verhuizen.  Nog een dag later zijn we hier volledig geïnstalleerd, nu nog wachten op mooi weer. Dat komt er niet snel aan en nadat we onze tent stevig verankerd hebben en verzwaard met wat stenen, dalen we in een stevige blizzard af en reizen terug naar Puerto Natales (een busrit van 2 à 3 uur).

Ons basiskamp onderaan de Torres ©Sanne

Ons basiskamp een paar dagen later ©Bram

Hier bekomen we van de geleverde inspanningen met lekker eten, drinken, een sauna en massage. Beter dan in de door storm geteisterde Valle del Silencio 😉 Dezelfde dag komen ook Marijke en Bram aan in Natales en we maken plannen om samen met het volgende window terug naar boven te gaan. Terwijl Marijke en Bram al naar het park trekken, gaan An en ik nog een dag zeekajakken, een nieuwe belevenis. De voorspelingen zijn goed voor twee dagen en op nog erg stormachtige zaterdag 14 januari stijgen we terug in. In campamento Japones vertellen Marijke en Bram ons dat er niet veel overschiet van ons tentje. We gaan toch verder naar boven en vinden onze tent terug, op dezelfde plek, maar aan flarden. Een stok heeft het begeven en zo het zeil gescheurd. Dankzij de stenen is de tent wel op zijn plaats gebleven en zijn we verder geen materiaal kwijt. In de gietende regen ruimen we alles op en verhuizen (nog maar eens) naar de het bivak onder de boulder, een paar honderd meter lager. Met de restanten van onze tent kunnen we het hier nog wat schappelijk maken en eten hebben we meer dan voldoende.

De schaduw van de Torres op Escudo ©Sanne

De volgende dag is het kort na de voormiddag stralend weer en we gaan de instijg al wat verkennen. Die blijkt nog bijzonder lang en zwaar te zijn, ook al leken de torens vlakbij.  We volgen de route, zoals ze vaag beschreven staat op internet, door zeer onaangenaam terrein. Ongeveer een uur verwijderd van de wand, komen we op een beschutte plek waar je kan bivakkeren. Een sympathieke Spaanse soloklimmer, Pedro Cifuentes, komt ook omhoog, met zijn support-team. Hij komt hier al meer dan 10 jaar en toont ons een aangenamere instijg door een droge geul. We laten ons klimgerief hier achter en dalen langs de voorgestelde route weer af. Marijke en Bram doen hetzelfde en ’s avonds bivakkeren we met z’n vieren aan de start van deze snellere instijg. Een kleine waterval markeert deze plek en zorgt voor water.

avondlicht op de Torres' westwand vanuit ons bivak ©Bram

Maandag 16 januari moet de dag worden. Om vier uur staan we op, het is windstil en de sterren staan al om. In amper 45’ zijn we terug bij het bivak van de Spanjaarden, waar we ons klimmateriaal oppikken. Hier deden we gisteren, bij daglicht, 2 uur over. Duidelijk een betere route. Van hier gaat het verder over brokkelig terrein en na nog eens 45’ staan we onderaan de westwand van de Torre Norte. An en ik wilden langs “Cornwall” klimmen, een route van 8 lengtes die hogerop de laatste touwlengtes van Monzino vervoegd. Marijke en Bram gaan direct voor de Monzino en duiken in de geul tussen Torre Norte en Central.

Sanne in de crux van "Monzino" ©Bram

Het is ijskoud in de westwand en we kunnen de zon pas verwachten tegen 13u. Nadat we de eerste twee lengtes (4 & 5+) geklommen hebben zijn An en ik totaal bevroren. Bovendien hangt er ijs in de derde lengte en we dalen wijselijk terug af. Snel ombouwen en we volgen Marijke en Bram in de Monzino. Via 6 lengtes simultaan klimmen (een rotsvariant links voor de geul) komen we aan de col Bich, waar we hen terugvinden in de eerste moeilijke lengte van de Monzino. Nog steeds geen zon, en er is zeker meer wind dan we hadden gehoopt. Met koude vingers en tenen klimmen we twee stevige lengtes (5.10).

An in het geweldige decor tussen Torre Norte & Central ©Sanne

Eindelijk een streepje zon in deze koude wand ©Sanne

De rest van de route is veel simultaan klimmen, met af en toe een lengte vijfde graads. Langzaamaan komen we in de zon en vlak onder de laatste lengte vinden we zelfs een plekje in de zon en uit de wind. Heerlijk! Bram klimt de laatste moeilijke en ijskoude lengte voor en om 12u staan we met z’n allen op de top. Prachtig uitzicht, maar te koud om er lang te blijven. Lunchen doen we op het plekje in de zon, waarna ons de lange afdaling wacht.

Met z'n vieren vlak onder de top, in het zonnetje

An & Marijke op de top van Torre Norte

Bram op de top met de indrukwekkende achtergrond ©Sanne

Rappelen in Patagonia is altijd een ellende, door de wind geraakt haast elke rappel een keer geblokkeerd. We klimmen zo veel mogelijk af en moeten maar 2 keer weer omhoog om een vastgeklemd touw weer los te maken. Op de col Bich komen we nog een cordée tegen, die nu pas tot hier geklommen zijn. Het is 15u. Ze vragen of het nog ver is naar de top, waarop ik helaas bevestigend moet antwoorden. De afdaling door de geul tussen Torre Norte en Central is erg vervelend en duurt erg lang. Maar uiteindelijk komen we weer veilig aan in het kamp van de Spanjaarden. Nu nog de lange puinhelling naar beneden. Uiteindelijk doen we langer over de afdaling dan over de beklimming en om 19u zijn we aan ons bivak. Het weer is alweer verslechterd en we pakken de boel bijeen en gaan nog omlaag naar ons beschutte bivak onder de boulder, waar we moe maar voldaan in onze slaapzakken kruipen.

De indrukwekkende wanden van Fortaleza en Escudo ©Sanne

De volgende dag staan we pas op als de zon ons verwelkomt en maken een uitgebreid ontbijt met spek. Pas in de namiddag dalen we verder af naar het campamento Japones, waar we een gezellige avond beleven in het gezelschap van de Spanjaarden, waaronder de cordée die we gisteren tegenkwamen op de col. Zij waren vanuit Japones vertrokken, er van uit gaande dat de instijg, zoals je de beschrijving er van vindt, wel zou meevallen. Daardoor waren ze zo laat op de col.
Na nog een nachtje in de voddige doch gezellige hut van Japones (we hebben geen tent meer), dalen we in één keer af tot aan hosteria Torres, waar we dezelfde dag nog de bus terug naar Natales nemen. Marijke en Bram blijven nog twee dagen in het park, An en ik gaan nog wat sportklimmen in de buurt van Natales. In het weekend treffen we de hele bende weer in de lokale pub. Pedro is ook teruggekeerd van zijn solo-overschrijding van de drie Torres, maar bij de eerstvolgende periode goed weer begint hij weer van voor af aan. Straf!

Nu maandag nemen we met z’n vieren de ferry (het is bijna een cruise) naar het noorden door de prachtige fjorden. An en ik vliegen daarna weer naar huis, terwijl Marijke en Bram nog een maandje hebben om te gaan klimmen in Cochamo (jaloers!). Daarover zullen we nog wel wat te lezen krijgen.

Sanne en An

The Flamencos fly home ©Sanne

Advertenties