CEAT beurs

Tags

, , , , , ,

Komende zondag, 21 April, is er in nederland de CEAT beurs (Commissie Expeditie en Alpiene Topsport ). Deze wordt georganiseerd door het NKBV en is een dag met allerlei voorstellingen, workshops en een infobeurs. Het doel van de dag aldus het NKBV:

  • het leggen en/of verstevigen van contacten tussen klimmers, die kunnen leiden tot toekomstige klimprojecten op (voor Nederlandse begrippen) hoog niveau
  • het uitwisselen van kennis en ervaring tussen zowel ervaren klimmers als nieuw alpien klimtalent

En om eerlijk te zijn zie je best wel dat het leeft in Nederland. Namen als Mike Van Berkel, Cas Van De Gevel, Martijn Shell, Melvin Redeker, Martin Fickweiler klinken u misschien niet direct bekend in de oren maar deze hebben toch al meerdere mooie expedities achter de rug. Geen sneeuwstampers maar serieuze alpiene beklimmingen op Baffin Island, Alaska, Garhwal Himalayas, Groenland, etc.

Ook dit jaar hebben onze Noorderburen weer grootse plannen:

Jeroen Vels en Wouter Van Dijk trekken net als Joris en ik naar Alaska voor een beklimming van de Cassin Ridge op Denali

Cassin Ridge Denali, © alaska2010.nl

Een 5 koppig team van Bas van der Smeede, Saskia Groen, Vincent van Beek, Jorg Vegter en Remy Klaasse gaat een poging wagen op de Noordwestpijler van Arwa tower, Garhwal India

Roland Bekendam, Jefta Smit en Sjors Verbrugge richten zich op een andere stevige rotsroute. Namelijk  de Sloveense route op de Nameless Tower (VI 7a+, 900m )

Nameless Tower (6239 m), © http://www.dutchtrangotower.wordpress.com

En na 2 eerdere expedities trekt Martin Fickweiler in de maanden mei en juni van dit jaar naar Sam Ford Fjord op Baffin Island, Canada. Dit keer Solo!

Baffin Island, ©blog.martinfickweiler.nl

You have to be kidding me…

Tags

Kennen jullie hot Marijke? Ik gelukkig niet persoonlijk, maar wie de populaire media bij ons wat volgt moet toch al van de meest bekende prostituee van België gehoord hebben. Wat blijkt nu? Zij heeft ook al van ons gehoord :-)

Op haar website (die ik vond via het trackback systeem van onze blog, maak je maar geen illusies), vind je volgend bericht terug:

HOT MARIJKE
FAMOUS!

Traversée Hot Marijke

Muhaha, schitterend! Ga zeker eens een kijkje nemen…


Guide XL @ Praxmar

Tags

, , , , ,

Peter, Jo, Sanne en An in de Stubaier Alpen

Afgelopen weekend er even tussenuit om te gaan genieten van de verse poedersneeuw in de Alpen. Met z’n vieren trokken we erop uit, naar Praxmar in de Oostenrijkse alpen. Vrijdag en zaterdag was het daar stevig aan het sneeuwen. Het is ondertussen al een soort traditie aan het worden dat we met Jo Vanbeckevoort en Peter Wytinck ergens in maart gaan toerskiën. Vorig jaar was dat nog in de Silvretta, waar de volgende MC toerskistage ook doorgaat. Zaterdag zijn we eerst inkopen gaan doen, want ik heb mijn hele toerski-uitrusting in Antarctica achtergelaten en had dus alles nieuw nodig.

Georg Steigenberger en Sanne met z'n nieuwe Dynafit Guide XL ski's

Als Heeresbergführer heb ik goede contacten in Duitsland en de in ski-alpinisme gespecialiseerde winkel Condition Steigenberger te Aschau had een mooie aanbieding voor mij. Dankzij mijn toerski avonturen op Antarctica en het beklimmen van “Robl peak”, kon ik een uniek paar toerski’s bekomen van Dynafit. De Guide XL zal de opvolger worden van het huidige Guide model, meer lekker breed en ideaal voor het freetouren. Het is een model dat pas in 2011 op de markt komt voor berggidsen. Een hele eer om als kleine Belg één van de vier bestaande paren te kunnen testen. Nadat iedereen zijn uitrusting gecompleteerd had, reden we door naar het besneeuwde Praxmar. Daar verbleven we in het fantastische Alpengasthof Praxmar.

Op weg naar de Zwieselbacher Rosskogel 3081m

Daarna volgen drie dagen van uitzonderlijk mooie skitouren met perfecte, weliswaar delicate sneeuwcondities. Een lawinegraad 3 is steeds opletten geblazen, maar mijn zintuigen staan weer op scherp en alles verloopt veilig. Zondag vertrekken we vanuit het gehuchtje Haggen naar de Zwieselbacher Rosskogel 3081m (wat een naam…), al meteen goed voor 1500Hm. Voor mij een skitour voor in de top 5, wondermooi en afwisselend, met een heerlijke afdaling als beloning.

An in vorm tijdens de eindeloze poederhellingen

Diezelfde zondag vindt er een bijzondere wedstrijd plaats in Praxmar, de wildsaustaffel. De moeite waard om eens mee te doen met een ploeg van MC volgend jaar? Maandag was het erg koud en we verlieten de parking in Lusens op 1600m bij een kleine -21°C! Langs het mooie Längental omhoog en halverwege een korte pauze bij het Westfalenhaus. Vandaar is het nog een vette 1000Hm verder naar de tweede top van het weekend, alweer een onuitspreekbare, maar mooie top. De Winnebacher Weisskogel is met 3182m goed voor een skitour van 5 uur omhoog en 1600Hm. Het is ijskoud en in de schaduw haast niet uit te houden door een ijzige noordoostenwind. Zweten zit er vandaag niet in! Koude tenen des te meer, ik loop weer eens lichte bevriezingen op aan mijn dikke tenen…

An vlak onder de top van de Winnebacher Weisskogel 3182m

De enige die niet afziet deze dag is An, na een goed winterseizoen in de Alpen is ze beter in vorm dan ik. Peter en Jo zijn ons mee gevolgd tot aan het Winnebacher joch op 2788m en samen dalen we weer af, opnieuw door uitzonderlijk lichte poedersneeuw, dankzij de extreme koude. Aan de auto moet ik mijn tenen ontdooien, oehwaah pijnlijk! Gelukkig wacht ons in Praxmar de dagelijkse sauna, die alle lijden doet vergeten. Ook het avondmaal en de uitgelezen wijn helpt, al is dat vooral goed om in te slapen en minder voor vrieswonden ;-) Deze nacht sneeuwt het nog een beetje bij, yeah!

Peter Wytinck vlak voor de afdaling van de stuwdam in Kühtai

Dinsdag nog een halve dag freeriden in Kühtai, het hoogst gelegen skigebiet in Tirol, waar je goed kan freeriden. Het verse laagje van de afgelopen nacht is een pluspunt. Alleen gaan we alle vier kapot van de kou op de eerste sleeplift, bij -23°C is er weinig volk op de piste… Een halve dag pure fun later, wacht ons de door files overschaduwde terugreis. Maar wat een shortski!
Sanne

Alaska

Tags

, , , ,

Midden mei, van 17 mei tot 14 juni om precies te zijn, zitten we, Joris Van Reeth en Sam Van Brempt in Alaska.

De Cassin Ridge op Denali, ©Joe Puryear

Het hoofddoel van deze expeditie? De Cassin Ridge op Mt McKinley/Denali, met zijn 6194m de hoogste berg van Noord Amerika. Denali word ieder jaar door meer dan 700 man beklommen. 95 % percent klimt langs de relatief makkelijke West Buttress of langs de West Rib. Slechts een 20 tal klimmers wagen zich aan zware routes als de Isis Face, Denali Diamond of ons doel, de Cassin Ridge. Het weer in Alaska is vaak onstabiel, de route is enorm lang en Denali’s zuidwand is geen plaats waar je een storm wil uitzitten. Een succesvolle beklimming zal dus voornamelijk van een langere periode goed weer afhangen. Als wij slagen zijn we de eerste Belgen die via deze lijn Denali beklimmen.

De Cassingraat is een markante lijn recht door de enorme zuidwand van Denali. De route is in 1961 geopend door een Italiaans team met o.a. Ricardo Cassin. Vanuit het Basis Kamp (2200m) is het een 2 daagse wandeling naar de rimaye op 3760m. Hier start onze klim van bijna 2500hm naar de Top. Afwisselend couloirs, sneeuwgraten en rotsbanden, maximaal 80 tot 85° ijs en 5c rots. Dit met een rugzak voor meerdere dagen.

Cassinridge in Supertopo

Cassinridge in Supertopo

Naast de Cassingraat zijn er nog vele andere mogelijkheden om te acclimatiseren of voor als het goede weer voor de grote routes uitblijft. Mini Moonflower, Kahiltna Queen’s west face, Mount Frances Southwest Ridge zijn enkele routes die vanuit het basiskamp in een of 2 dagen te klimmen zijn. Voor in geval van extreem lang goed weer en een topconditie is er nog de Infinite Spur op Foraker. Verder is er nog Mount Hunter’s North Buttress, een van wereld’s mooiste alpiene lijnen die ik ken, maar deze is nog veel te hard voor ons.

Hoe zien onze 4 weken eruit? Wel dat weten we zelf nog niet. Er is daar ongelofelijk veel te doen en uiteindelijk is het allemaal afhankelijk van het goede weer. De verschillende mogelijkheden zijn:

Eerst een beetje al klimmend acclimatiseren op kleine toppen en dan via de Valley of Death naar de start van de Cassin, Eenmaal geacclimatiseerd de snelste manier om aan de voet van de wand te geraken. Maar de naam van de vallei zegt al genoeg, hier komen we liever niet….

Gaan we via de West Buttress zo snel mogelijk op hoogte geraken daar enkele rustdagen en dan via de West Rib terug naar beneden tot de start van de Cassin. Dit lijkt ons de manier met de meeste slaagkans maar dat wil wel zeggen dat we de eerste 10 dagen via een platte gletsjer op en neer gaan moeten sloffen. Dit tussen honderden andere klimmers…

Zelfs een overmoedig idee als de aaneenschakeling van de 2 Kahiltna toppen met de Cassin en zo de gehele graat vanaf de gletsjer tot de top volgen krijg ik niet uit mijn hoofd. Fysiek een ongelofelijk zware onderneming. Er is nog maar 1 team dat zich hieraan heeft gewaagd en dat waren geen kleine jongens. Na 2 tot 3 zware klimdagen over de Kahiltna toppen kunnen we dan pas aan het eigenlijke doel beginnen. Maar wat een prestatie moest zo een aaneenschakeling lukken.

De expeditie wordt ondersteund door:

De gehele topo kan je hier bekijken of op supertopo

Naast een fysieke training zijn we enorm hard mentaal met deze expeditie bezig. Welke strategie heeft de grootste slaagkans? Welke slaapzak, geen matje, hoeveel materiaal, eten, 1 touwstreng of toch 2 moesten we moeten terugkeren, het is er permanent licht dus we kunnen evengoed in de nacht klimmen en overdag in de zon met een lichtere slaapzak rusten, vervang ik de achterkant van mijn crampons door een aluminium versie dat bespaart veel gewicht, Nemen we een Bibler of doen we een gok op alleen een bivakzak,…

Speed is safety?

Eén van de beste ijsklimmers ter wereld publiceerde onlangs enkele tips op zijn blog om sneller te klimmen in grote ijsroutes. Vele tips lijken me zeer bruikbaar, enkele minder. Ik was vooral geïntresseerd in wat Will Gadd te vertellen had over touwsystemen. Al lang ben ik nieuwsgierig naar de mogelijkheid om alpine routes met een enkel touw te klimmen (afhankelijk van de aard van de route natuurlijk). Net over dit punt gaat een belangrijk deel van zijn post. Gadd gebruikt regelmatig een touwstreng van 70m 9,2mm koord om ijsroute mee te klimmen. In de rugzak van de naklimmer zit dan een dun statisch touw om mee te rappelen. Nog intressanter is wat je hier kan lezen: een hele uitleg over de verschillen in de eigenschappen van enkel- dubbel en tweelingtouw. Onderaan vind je de 5 conclusies.

Eerst lezen en dan onder de post verder discussieren? Ik ben benieuwd naar de reacties…

Will Gadd aan het werk (c) Gravsports

1. Half ropes likely do not offer significantly lower impact forces than single ropes in high fall-factor falls where one strand is clipped as is common.
2. Rope diameter alone is NOT a good indicator of impact force (some of the “fat” 11mm ropes offer lower impact force than the “skinny” single or half ropes).
3. The “published” impact numbers may not mean much.
4. Terrain is more important for rope selection than impact force. If I’m heading up on a route with sketchy gear I may just use my standard single rope, simpler. A single rope with low-impact force may actually be better. But, for routes where the gear is all over the place then half ropes are likely better for less drag (and possibly less chance of both ropes getting cut…).
5. I’ve got a lot more questions than answers about rope stretch (elongation) with different fall loads–these fall tests are with a very harsh (1.77) fall factor. What happens with low fall-factor loads in terms of elongation and impact force

Waarom zou een route in conditie moeten liggen?

Tags

, , , ,

Ik kan me nog herinneren dat Koen aan Christophe Profit vroeg of Eugster Direct op de noordwand van Aguille du Midi er goed bij lag. “Behoorlijk droog” antwoordde hij. “Dus niets voor ons” dachten we toen hardop. Waarop Christophe Profit glimlachte en iets zei zin de trend van “een droge route kan juist leuk zijn”.

De laatste dag in Vallon Du Diable kwamen we (Ik en Tim De Dobbeleer ) pas laat uit onze slaapzak. Eerst nog even genieten van het warme zonnetje, een rustig ontbijt en dan pas naar de waterval. Uiteindelijk werd het behoorlijk laat. Wat maakte dat we pas tegen 2 u onderaan onze waterval stonden. Repulsion zou het worden. Een gids en klant kwamen juist beneden aan onze depot en vroegen wat we die dag al geklommen hadden. Niets, we hebben wat in de zon gelegen. Een bedenkelijke blik en een waarschuwing dat deze waterval er best droog bij ligt. De laatste lengte is zelfs niet gevormd. Hij vraagt nog welk niveau we klimmen. Ik zeg dat dit bijna tegen de limiet aanloopt maar we zullen wel zien. Als het te moeilijk is of slecht af te zekeren keren we wel terug.

Repulsion. II 5, 150m © 2010 Sam Van Brempt

Ik start de eerste lengte, volgens de topo een sneeuwcouloir en een korte muur van 80 graden. Het sneeuwcouloir ligt er, de muur niet. Enkel een blok van een goede meter hoog die een 60 centimeter overhelt versperd het couloir. De meeste watervallen aan de noordkant van Vallon Du Diable ligger er dunnetjes bij. Normaal zal er over deze blok dus ook wel ijs liggen? De enige tussenzekering hangt nu al een 10 tal meter onder me en deze passage doe ik toch liever veilig. Ik ga dus op zoek naar een mooi stukje ijs of barst. De 2 witte lijnen aan de zijkanten van de blok blijken losse poedersneeuw te zijn. Daar heb ik dus niets aan, zelfs niet om deze blok te omzeilen. Na een beetje graven onder de blok kom ik gelukkig nog een stevig stukje ijs tegen. Een veilige zekering kan ik dus toch plaatsen. Tussen de blok en de eigenlijke rots steek ik ook nog een klemblok. Een bijl haak ik eveneens onderin, mijn linkerbeen open op een kleine oneffenheid op de rots. Nu kan ik mijn lichaam naar achteren laten hangen zodat ik over de blok kan kijken. Links bovenop de blok plaats ik mijn andere bijl. 2 keer in losse poeder de 3 de keer in een iets vastere sneeuw maar met mijn volle gewicht kan ik er zeker niet aan hangen. Ik laat mijn bijlen even voor wat ze zijn en probeer met mijn handen mijn evenwicht te behouden verzet mijn rechtervoet en linkervoet en breng mijn rechterbijl eveneens boven de blok. Deze komt na de 2 de poging in vaste firn terecht. Ook mijn andere bijl breng ik in een klein barstje dat meer te vertrouwen is. Met het nodige gesukkel en geknars van Crampons komen mijn voeten stilaan ook boven.

Tim in de eerste lengte © 2010 Sam Van Brempt

Terwijl ik het hier nu rustig neerschrijf weet ik dat het me zeker meer dan 5 minuten heeft gekost. Zoeken naar een goede zekering, de verschillende mogelijkheden afwegen, over de rots komen kijken en snel terug eronder door een vlaag spindrift, terug kijken, de bijlen plaatsen, terug rondkijken en afwegen,….Een klein stukje heerlijke mixte. Maar uiteindelijk geraakt de eerste lastige passage overwonnen. Ik klim verder door, maar mijn touw is bij de blok ergens tussen geraakt dus uiteindelijk moet ik relais maken. De beloofde relais aan de rechterkant is alleszins zoek. Tim komt na, en gelukkig, ook hij moet even uitzoeken hoe je erdoor geraakt.

Tim klimt de 2 de lengte. Een stukje goulotte startend bij 70° dat stilaan steiler wordt met op het einde een klein muurtje van 90°. Geen muurtje uit ijs, maar uit een poedersneeuw die zich nog niet volledig tot vaste firn of goulotte-ijs heeft omgezet. Ook hier komt het erop aan van op tijd een tussenzekering te plaatsen. Want juist in het moeilijkste stuk is dat niet mogelijk en valt er op weinig te vertrouwen.

Tim start de 2 de lengte © 2010 Sam Van Brempt

De derde lengte is de zogezegde crux. Een 15 meter 90° dat dan stilaan afzwakt naar 80°. In een smalle geul plakt er overal ijs en sneeuw. Dik is het zeker niet maar met een beetje zoeken en proberen krijg je er her en der vijzen van 16 cm in. Maar ook hier is het tussen de losse poeder zoeken naar stevige stukken firn of ijs voor de voeten, bijlen en ijsvijzen. Na een lastige maar mooie traverse beland ik aan een Relais. Tim klimt deze lengte na door een continue spindrift ik kan enkele leuke foto’s maken.

Sam in de crux van Repulsion, © Tim De Dobbeleer

Doordat er weinig ijs in de route ligt start de 4de lengte eveneens met een lastige mixte traverse. Een kleine 3 meter rechts ligt de ijsgeul, De voeten hebben steun aan een dun laagje ijs dat over de rotsen ligt. De bijlen moeten op zoek naar kleine oneffenheden op de rots, stukjes mos of zich vastzetten in het beetje sneeuw dat tegen en tussen de rotsen plakt. Sneeuw die slechts een keer aangeraakt mag worden, een 2de keer en het valt uit elkaar. Tim klimt deze lengte voor. We hebben een bomvaste relais maar bij een klein foutje voor Tim bij het goede ijs komt maakt hij een serieuze pendel. Op zoek naar een eerste tussenzekering dus. Echte barsten voor klemblokken komen niet voor maar na enig graven in de sneeuw vind Tim een gat waar hij zijn bijl ondersteboven in kan haken. Zo geraakt hij in de buurt van een dikker plekje ijs voor de eerste ijsvijs. Nog enkele voorzichtige passen tot bij het echte ijs en dan is Tim vertrokken.

Tim bereikt het ijs na een traverse

Tim geraakt terug bij het ijs © 2010 Sam Van Brempt

De laatste lengte loopt normaal door een tunnel. De tunnel is er. Het ijs ontbreekt. Snel rapellen we terug naar beneden. We zullen ons moeten haasten om voor het donker terug bij de auto te zijn.
Zelden heb ik een beklimming zo gedetailleerd beschreven. Kijk ik wil even laten zien dat routes best leuk, om niet te zeggen leuker zijn met weinig ijs. Neem wat ijs weg, laat hier en daar een barst, een oneffenheid in de rots en de route wordt veel meer een puzzel die je moet oplossen. Niet gewoon op zoek gaan naar het volgende gaatje in het ijs.
In het geval van Repulsion kan ik ze me moeilijk mooier voorstellen in een dikke laag ijs. Ja ik weet best, tenzij je een overhangende drytoolexpert bent geraak je niet door een lengte waar normaal een vrijstaande sigaar staat. Maar de goulotteachtige watervallen en echte alpiene goulotten. Die moeten niet perse dik liggen. Neem een setje klemblokken, enkele friends, desnoods pitons mee. Zelf heb ik tijdens het klimmen nog nooit pitons moeten slagen, enkel voor een rapel. Maar toch heb ik al vaak gedacht hier slaag ik beter een piton dan die klemblok die er waarschijnlijk terug uitvliegt.

Vergeet even Ligt is Right, dat is voor de grote projecten, en ga een beetje spelen.
Klim rustig, hou een beetje reserve, maar vooral, hou het veilig !!!!

Mount Coach klimtreffen

Tags

, , , ,

Noteer alvast zaterdag 27 maart in jouw agenda want wij, Mount Coach 3 organiseren een klimtreffen ten voordele van onze expeditie naar Tadzjikistan. Boulders, sportklimmers, alpinisten, skiers, of wat dan ook… iedereen welkom! Dit gebeuren vindt plaats in de welbekende klimzaal Bleau te Gent.

Planning?

Van 18u00 tot 22u00 wordt er een initatie drytool en slackline gegeven en natuurlijk kan ook iedereen vrij klimmen.

Vanaf 22u00 start een dik feestje met Resident Dj Denie.

Spaghetti is voorzien aan democratische prijs en cocktails vanaf 21u00.

Inkom? Slechts 5 euro! 

Allen richting Gent op zaterdag 27 maart… tot dan !!

Voeg je ook snel toe aan onze Facebook pagina, klik hier.

Adres klimzaal Bleau: Rooigemlaan 180b te Gent

nieuwe drytoolroute

Tags

, , , ,

Toen vorige week Vrijdag het lawinegevaar in zowel Lillaz als Valnontey te groot was,  werd er gedrytooled  in Moline. Joris die ondertussen in het MC milieu al tamelijk bekend staat voor het spotten van mooie wanden, maagdelijke goulotten,… wist in Cretaz (het klein dorpje juist voor Cogne) nog een mooie wand liggen. Na gedrytooled te hebben in Moline moesten we toch nog even gaan kijken naar de wand. Maar eens je voor deze mooie overhangende wand staat, heb je aan kijken natuurlijk niet genoeg. Vlug die crampons en stijgijzers aangetrokken, een toprope geïnstalleerd en beginnen klimmen. Het werd al vlug donker,  maar ik was vastbesloten om hier terug te keren!

nieuwe route

Zo gezegd zo gedaan. Terwijl de anderen gingen skiën,  ging ik op pad naar het wandje. Een rappel stelde me instaat om de wand nog even grondig van dichtbij te bestuderen en de losse rommel eruit te zwieren. Ik keek ook al eens goed waar eventueel pitons geslaan moesten worden. Dat mijn route via de schuin naar boven lopende barst zou gaan dat stond vast. Want in de barst kun je friends kwijt en ik wou het slaan van pitons tot een minimum beperken. Bij gebrek aan goede barsten voorzag ik de onderste 8 m  van 3 pitons,  alsook het stuk boven de  barst werd van 3 pitons voorzien. Het niveau schat ik op M6.

plaats van de route aangeduid met een geel vierkant

Is het voor ijsklimmen te warm,  te lawinegevaarlijk,  of wil je gewoon eens drytoolen, ga dan zeker eens een kijkje nemen.
je brengt best het volgende mee :
– De kleine camalots van BD, C4 (van nr. 0.4-1 )C3 (nr.2)
– Een touw van 60 meter
– en wat setjes

Onderaan de wand, deden we nog een leuke traversée genaamd Hot Marijke. Deze begint ongveer in het midden van de wand en gaat tot helemaal links

Jonas spot Marijke in de traversée

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag