Gola Island

Tags

, , ,

Voordat de verhalen over sneeuw en ijs de blog overspoelen even nog dit korte verslag van mijn trip naar Ierland eind september.

Eind juni trok ik na mijn examens met een vriend richting Chamonix om er de stress wat uit te klimmen. Grote dingen hebben we niet verwezenlijkt, maar ik leerde op de camping in les Houches wel 2 nieuwe vrienden kennen; Beau en Peter. Beau is een Brit die in Edinburgh studeert, Peter een Ier die in Dublin studeert. Toevallig zijn ze beide even oud als mezelf. We wisselden e-mailadressen uit, en besloten dat we zeker eens samen zouden moeten klimmen!

Zo kwam het dat ik in september nog iemand zocht om iets mee te klimmen, maar niet echt iemand vond, en dan maar Peter een mailtje stuurde. Dat kwam hem goed uit, en zo kwam het dat ik (nogal last minute – tijdens de herexamens) een ticket richting Dublin boekte.

 

De kust van Gola

We zouden naar Gola gaan. Een eiland ten Noord-Noordoosten van het Ierse ‘vasteland’. Het is een “onbewoond” eiland, met een twintigtal huizen op, het ene al wat beter onderhouden dan het  andere, en menig bouwvallig krot. De paar onderhouden huizen doen dienst als vakantiehuisjes, en sinds er (nog niet zo heel erg lang) elektriciteit en stromend water is is het daar best gezellig. Vaste bewoners zijn er niet.

Nog geen twee uur na mijn landing in Dublin zaten we al op de bus, richting Noord-Ierland. De rit leek wel oneindig, maar uiteindelijk kwamen we dan toch aan in Bunbeg, het stadje van waaruit de ferry richting het eiland vaart. Gezien we nogal laat waren en de zee niet zo heel stabiel twijfelde de ferryman eventjes of hij ons wel zou meenemen, maar besloot ons dan toch over te zetten…

 

Niet zo'n bijster goed weer de eerste dag

 

 

Ferry is misschien wel een groot woord voor de “Rib” (zodiac) waarin hij ons door de woelige zee tot op het eiland bracht. Hij wist ons ook nog te vertellen dat er twee andere mannen op het eiland waren in één van de vakantiehuisjes. Snel zetten we ons tentje op en kropen onder de dons, dromend van kliffen met een bruisende zee eronder.

Deze droom ging echter iets té hard in vervulling. Toen we de volgende ochtend op verkenning gingen zagen we dat de golven vaak meer dan de helft van de kliffen met wit schuim bedekten! Klifklimmen zat er dus niet direct in. Ook de wolken voorspelden niet veel goeds en dus hielden we het maar op een verkennende tocht langs de kustlijn. Man! Hoe heerlijk om verwijderd te zijn van de gewone wereld en jezelf over te geven aan de vrijheid van een onbewoond eiland! De wind en de regenvlagen zorgden voor de nodige mysterieuze sfeer, en deden je spontaan zin te krijgen om het leven uit je lijf te lopen door de drassige grasvelden.

 

Peter op weg naar de Inland Crag

 

Ook de volgende dag zou de zee nog redelijk wild blijven, maar gelukkig werd het droger. Zo konden we toch op de “In-Land-Crag” klimmen, een 15à 20m hoog wandje met genoeg routes om je een hele dag te amuseren. De wind zorgde echter voor een extra moeilijkheidsgraad en meer dan eens werd je bijna van de rotsen geblazen. Heerlijk!

Voorklimmen op de Inland Crag

Om toch wat kliffen te kunnen trotseren kozen we er de dag erna voor om in een soort inham te klimmen. De golven werden daar wat gebroken, waardoor we dieper konden rapellen zonder zeiknat te worden.De eerste paar keer klommen we top-rope, daarna ging het meestal in “lead”. Veel gebruikten we een enkeltouw om te rapellen, en klommen we met dubbeltouw omhoog. Mocht de route te zwaar uitvallen geraakten we zo zeker nog terug, en ook voorkwam je dat je touwen al te nat werden.

Peter op de kliffen aan de inham

Het klimmen zelf was heerlijk! Granieten barsten en schellen, scherper dan ik ooit al gevoeld heb. Zo ruw zelf dat het niet uitmaakte of ze nu droog, vochtig of nat waren. Door de messcherpe kristallen bleven je klimschoenen overal aan plakken. Mijn handen hebben echter wat meer afgezien…

Voorklimmen op de kliffen

Ondertussen zaten onze twee noord-Ierse vrienden nog steeds vast op het eiland gezien de ferryman het niet wou wagen met zijn boot over te steken, daar de zee nog altijd veel te wild was. Elke avond kwamen we in hun gezellig huisje nog iets drinken om elkaar te vertellen wat de dag gegeven had.Wanneer de zee dan toch eventjes kalmer werd besloten we het zekere voor het onzekere te nemen, en niet nog een dag langer te blijven. Stel je voor dat ik mijn vlucht naar huis zou missen, dat zou nog eens tegenslag geweest zijn (of net niet?).

Peter, seconding

Als afsluiter zijn we dan nog in een Crag rond Dublin gaan klimmen, waar jammer genoeg een hele filmset opgesteld stond. Zo veel klimmen zat er dus niet in. Toch was het leuk om op sportklimroutes enkel zelf je zekeringen te kunnen steken! Goed voor de mentale weerbaarheid, vertrouwen op micronuts, peanuts en ander klein gespuis. Jammer dat er in België niet zo heel veel mogelijkheid is om op die (toch wel hardere) manier te gaan klimmen.

Moe maar tevreden zat ik tussen 2 wilde scoutsgroepen weg te dromen in het vliegtuig richting België en bedacht dat dit toch wel een zalige bestemming is om met een man of 10 een weekje te komen doorbrengen.Want zelf bij slecht weer is het eiland zo mooi en zalig ruig om over heen te hollen als een klein kind! Een echte aanrader voor wie ‘er eventjes helemaal uit’ wil zijn!

Er eventjes helemaal uit

De kliffen zelf zijn ongeveer 50m hoog, en gaan van E3 tot E7 (Engelse quotering).Er is een kraantje met stromend water voor campeerders, en in het hoogseizoen is er ook een klein winkeltje dat wat snoepgoed en frisdrank verkoopt (lees: een tuinhuis met een slot erop waar een koelkast in staat). Er rijden bussen (Mc-Kinley) vanuit Dublin helemaal tot in Bunbeg, van waar het nog eventjes wandelen is tot de pier. Geniet zeker van de gastvriendelijkheid van de Ieren!

Capetown

Tags

Tafelberg vanuit de hotelkamer

Al een paar dagen in Kaapstad, maar tot nu toe was het slecht weer. Veel heb ik nog niet kunnen doen. De eerste dag was het bekomen van een 12 uur lange vlucht in de veewagen-klasse van een boeing 747-400, daar kom ik altijd geradbraakt uit. De volgende dag gingen we gaan duiken met grote witte haaien, maar het was te stormachtig om de zee op te aan. Vandaag moesten we de bagage inladen en een briefing gaan volgen bij ALCI, de firma die alle vluchten van en naar Antarctica regelt. En morgenavond staat onze vlucht gepland. Met de Iljoeshin gaat de vlucht naar Novo-airbase en van daaruit vliegen we door met de kleine DC3 naar Utsteinen. Dat zal in twee vluchten gebeuren, eentje met het personeel en een vlucht met luchtvracht. Daarna de basis sneeuwvrij maken en opstarten. Dat zal wel een paar dagen werk zijn. Tot die tijd is er geen internet, het volgende bericht zal ergens volgende week komen.

Groeten vanuit Zuid-Afrika, dat na de wereldbeker aanzienlijk duurder geworden is.
Sanne

Kiekes

Tags

, , , , , ,

Prachtig die herfst! De ene dag zitten we bij vriestemperaturen tussen sneeuw en ijs, de volgende dag genieten we in een aangenaam zonnetje van een kleine multipitch bij Les tours d’Areu. Prachtige kalkrotsen boven Sallanches met uitzicht op het Mont Blanc massief. Hier enkele foto’s:

Refuge De Doran met de 6 pijlers van les tours d’Areu, ©2010 Sam Van Brempt

Tim De Dobbeleer en Jonas Vandermaesen aan de start van Jonathan Livingston, ©2010 Sam Van Brempt

Tim in de 2de lengte van Jonathan Livingston, ©2010 Sam Van Brempt

Yannick De Bièvre in de 3de lengte van Pilier Robinson, ©2010 Sam Van Brempt

Tim en Jonas op de 4 de pijler met MB op de achtergrond, ©2010 Sam Van Brempt

Yannick in de derde lengte van Pilier Robinson, ©2010 Sam Van Brempt

Nelson Neirinck in de 2de lengte van Pilier Robinson, ©2010 Sam Van Brempt

Enchaînement Bonatti

Tags

, , , , ,

In oktober hebben Christophe Dumarest en Yann Borgnet (19 jaar) een aaneenschakeling van 3 routes geklommen van W. Bonatti. Ze zijn gestart met de Noordwand van les Grandes Jorasses, vervolgens de Grand Capucin en om af te sluiten le Pilier Rouge du Brouillard tot de top van de Mont-Blanc. De routes zijn dag na dag geklommen zonder te rusten… een mooie prestatie!

Enkele woorden van Christophe Dumarest die ik niet kan ontkennen: « Toutes les voies ouvertes par Bonatti restent de surcroît difficiles. Elles continuent de faire rêver les plus grands alpinistes pour leur élégance, leur tracé, leur inspiration, le culot qu’il fallait en avoir à l’époque pour aller se frotter à ces parois… »

Hierbij nog mooie beelden van hun avontuur.

Aiguille Du Chardonnet

Tags

, , , , , , , , ,

Na een sportklimstop in het Krohnthal en een omweg langs Diavolezza/Sankt-Moritz zijn we dinsdag in Chamonix aangekomen. Helaas zijn alle liften voor onderhoud gesloten dus de opties zonder enorm lange instijg en afdaling waren redelijk beperkt. De Albert Premier hut met zijn Chardonnet leek ons de aangenaamste start voor het komende winterseizoen.

Aiguille Du Chardonnet; Links goulotte Escarra, Rechts Charlet-Bettembourg, ©2010 Sam Van Brempt

Tim en Jonas vertrekken dinsdagnamiddag nog naar boven terwijl Yannick, Nelson en ik (Sam) nog langs enkele winkels moeten om ons winterklaar te maken. Als we Woensdagmiddag bovenkomen zitten Tim en Jonas nog in de hut, hun doel was Eperon Migot maar een enorme crevasse (die de toegang naar de pijler verhinderd ) en het beruchte “woem” wat duid op een lawinegevaar deed hun terugkeren.

Nelson in de 2de lente van Charlet-Bettembourg

Nelson in de 2de lente van Charlet-Bettembourg, ©2010 Sam Van Brempt

Donderdag staan er goulottes op het programma, een enorm lange instijg brengt ons allen onderaan de Chardonnet. Nelson, Tim en Jonas gaan voor Charlet-Bettembourg terwijl ik en Yannick in Escarra kruipen. Charlet-Bettembourg ligt er behoorlijk dunnetjes bij maar ze vorderen gestaag. Na een vlotte 4 uur staan ze op de top. Ik en Yannick doen er een uurtje langer over. Escarra ligt er prachtig bij. Meerdere lengtes 60/70 graden brengt ons bij een steile cruxlengte waarna we terug in een mooie makkelijkere goulotte belanden.

Een noorse madam in de Cruxlengte Van Escarra, ©2010 Sam Van Brempt

Yannick hogerop in Escarra, ©2010 Sam Van Brempt

Voor vrijdag planden we met zijn allen een 2de poging op eperon migot in de hoop we een oplossing zouden vinden voor de crevasse en het lawinegevaar geweken was. Te laat opgestaan, 0 graden rond de 3200m, nog moe van de dag ervoor en wetende dat de sneeuw zich zonder de zon niet in 2 dagen niet kan zetten besluiten we terug af te dalen.

Om dan in Le Tour moeten merken dat de foto’s nog boven liggen. Even snel op en af … 1300hm voor fotokaartjes verdorie!

Antarctica, the sequel

Tags

,

into the wild again

Na lange onzekerheid (de gevolgen van een regering van lopende zaken zijn voelbaar tot op Antarctica…) is dan toch beslist dat ik de komende maanden weer op Antarctica ga doorbrengen. Morgen vlieg ik naar Kaapstad, waar ik nog snel enkele dagen lente kan meepikken. Daarna, rond 10 november, aankomst op de prinses Elisabeth basis. Ik kom aan met de eerste ploeg en zal de eerste week vooral bezig zijn met de basis uit te graven en op te starten. Kort daarna komt de eerste ploeg wetenschappers aan. Met hen zal ik de eerste maand doorbrengen aan de kust. Rond kerstmis komt de Mary Arctica aan in Crown Bay, met de voorraden voor dit seizoen en nieuwe uitrusting voor het poolstation.  De eerste 6 weken zal ik dus voornamelijk aan de kust werken en dus veel pinguins, zeeluipaarden, orca’s en dergelijke kunnen zien.

Keizerspinguins in Crown Bay

Na nieuwjaar trek ik met een andere ploeg wetenschappers landinwaarts. Eerst over het Sor Rondane gebergte, om dan op het ijsplateau een basiskamp op te zetten. Van daar uit zal er gezocht worden naar meteorieten. En hop, tegen begin februari ben ik alweer thuis. Zo kan ik nog wat van onze winter gebruik maken en wat gaan ijsklimmen en skiën.
Omdat ik erg weinig op de basis zal werken, heb ik amper toegang tot internet. Desondanks hoop ik, net als vorig jaar, een wekelijks verslag te kunnen doen van mijn belevenissen op deze site. Veel leesplezier daarbij, prettige feestdagen en tot volgend jaar!

Sanne

Korzhenevskaya

Zoals een tijdje geleden vermeld ging de MC3 expeditie naar Tadjikistan door de omstandigheden niet door.
Los van de voorbereidingen van MC3 hadden Stijn De Keyser (MC1) en Blommie hetzelfde doel in hun “2010 Pamir expedition”.

Afgelopen zomer slaagden ze er in om in alpiene stijl de top van de Korzhenevskaya te bereiken. In 30 uur trokken ze van het basiskamp tot de 7105m hoge top en keerden ze terug.
Hierbij het filmpje met de beelden van hun trip:

Winterkriebels

Een kleine update van de afgelopen weken:

Enkele Mountcoachers durfden afgelopen weken de woorden ‘klimmen’ en ‘competitie’ samen plaatsen tijdens de jaarlijkse boulderwedstrijd Bleau open. Al bij al denk ik dat iedereen meer dan goed gepresteerd heeft in deze wedstrijd met  internationale allures. Bram kroop zich op korte tijd naar een 39ste plaats, Maxime kwam uit Antwerpen afgezakt om de 99ste plaats op te eisen en ik strandde ergens op de 148e plaats. Bij de vrouwen behaalde Marijke een knappe 14e plaats! Proficiat allemaal! Foto’s nemen was helaas te moeilijk door het overvloed aan pof in de zaal… Al bij al was ik meer dan tevreden voor de eerste keer mee te doen na 2 maanden wat te trainen. Ook al topte ik niet veel, na 5u wedstrijd was ik nog altijd aan het proberen (op een rottig dalletje). Voor mij het bewijs dat ik mentaal begin scherp te staan voor de komende winter ;-)

Over winter gesproken: na het weekend vertrekken we met een hele bende richting Alpen. Waar en wat weten we nog niet, maar het begint er stilaan op te lijken dat de ski’s dit jaar vroeg van de partij zullen zijn. Lees er onderstaande voorspelling van Wepowder maar eens op na: Zaterdag nadert het genua-laag en gaat dan voor veel sneeuw zorgen in de Zuidalpen. Sneeuwhoeveelheden die zoals het er nu naar uitziet makkelijk de 1 meter grens gaan passeren. Maar ook voor regen gaan zorgen. Sneeuwgrens rond de 1600 meter, met droge sneeuw pas boven de 1800-2000 meter. Dit is een beeld van vorige week in Oostenrijk:

Een meter vers vorige week in Oostenrijk (c) Betterpark Hintertux

Wie ook weer een pittige winter tegemoet gaat is Sanne. Hij vertrekt binnenkort weer om te gaan overwinteren op Antarctica. Ongetwijfeld kan je hier binnenkort de eerste verslagen van zijn avonturen volgen. Ik kijk er in ieder geval naar uit!

Ook voor alpinisme zien de condities voor deze tijd van het jaar er weer goed uit! In Chamonix zijn al veel grote wanden beklommen de afgelopen tijd (Grandes Jorasses, Dru Couloir,…) Helaas is de Aiguille Du Midi-lift volgende week toe voor onderhoud en zullen we daar al zeker niet terechtkunnen. In ieder geval lijkt me teveel keuze eerder een luxeprobleem.

De Crux van Colton McIntyre op de Grandes Jorasses noordwand een tijdje geleden (c) Will Simm

Tot binnenkort!

A mountain of hype: Everest

Tags

,

Een tekstje van Will Gadd in het canadese Explore Magazine :

Everest, © umjens

Don’t believe what they tell you: Climbing Everest is no big deal

In a measure of how popular the trip has become, it isn’t even easy these days to keep track of how many people have stood on the garbage-strewn summit of Mount Everest. But those who follow such things think the number of successful Big E climbers is around 4,000. And it seems to me that about 3,999 of them have gone on to become motivational speakers.

I recently went to the arbiter of all things scientific—Google—and got an astonishing million-plus hits when searching for “motivational Everest speaker.” One person, typical of many, offers to “inspire audiences to identify the Everests in their lives and to climb their mountains.” The career path is clear: Climb Everest, then talk about it.

Now, you’d think that if climbing Everest leads to big-money speaking gigs—we’re talking up to $50,000—then surely it must be a tremendously difficult thing to do. But I’ve asked a few friends of mine who guide on Everest, and the general response is, “It’s not too bad.” They say that if you are in good physical shape, spend a few weeks learning basic mountaineering skills and don’t mind suffering a bit, you have a good shot at getting to the top. It’ll just cost you between $30,000 and $100,000 for the guides, oxygen, fixed lines and other forms of support required to shrink the mountain down from 29,035 feet to about 23,000. That’s how high it is as measured by available oxygen, if you’re sucking the standard amount of supplemental “Os” on summit day.

To my mind, claiming to have truly climbed Everest with all of these aids is a little like someone claiming to have run a mile in four minutes when they did the running on a treadmill while hanging in a harness above it, just moving their legs a bit while sipping a Frappuccino. It’s really not the same thing.

In most sports, somebody sets the bar, and then others raise it higher. When Sir Edmund Hillary and Tenzing Norgay summitted Mount Everest with oxygen in 1953, the world press quite rightly marked their triumph with a global celebration. Nobody had ever been to the top of the world before. In 1980 Reinhold Messner improved on the accomplishments of those before him when he climbed Everest via a new route, solo and without oxygen. But in recent years, the bar on Everest just keeps getting lower, not higher. Very few people today even climb Everest without oxygen, and the rest still seem to think their achievement somehow equates to what either Hillary or Messner did. It doesn’t.

The odds of success for those who are sometimes literally yanked up the mountain on a short rope like recalcitrant cattle are now approaching 50 per cent. In contrast, the odds of winning a bronze medal in even the most obscure Olympic sport are nearly nil. Yet if you Google “Olympic bronze motivational speaker,” you’ll only get about 14,000 hits. Clearly a bronze medal doesn’t hold the same cachet, or maybe the athletes don’t want to talk about it as much.

In this Age of Personal Accomplishment, why do I care about some relatively unskilled “climber” wobbling up Everest on a leash while huffing oxygen and then bragging about the experience to the local Rotary Club back home? For starters, it seems dishonest to me, like claiming to win a marathon after taking the bus to the finish line as Rosie Ruiz did in the 1980 Boston Marathon. If I meet someone at a party and they say they made par on the world’s toughest golf course, I’m impressed; but if they did it by moving the tee up to within 50 feet of the hole, well, that’s a little less impressive, maybe even comical.

Of course, there’s another reason why I care about the mountain of hype surrounding Everest: I do a lot of public speaking (demotivational only—there’s far too much motivation in the world already), and all these Everesteers are clogging up the market. I can handle losing a speaking opportunity to somebody like my friend Warren MacDonald (he lost both his legs under a huge rock and still climbs hard—book him!), but losing to a neophyte flatlander who was almost carried up Everest by one of my cash-strapped guiding friends? That hurts.

I’m also sick of the question, “So, when are you going to climb Everest?” I usually reply, “You didn’t hear? The whole mountain is sinking, and it’s now only about the 675th highest peak in the world as measured by available oxygen.”

Surprisingly, people sometimes believe me.

Will Gadd climbs mainly in the Canadian Rockies. Without oxygen.

Annapurna III

Tags

, , , ,

Midden April schreef ik reeds een bericht over Nick Bullock, Matt Helliker en Pete Benson hun poging op de zuidoostgraat van Annapurna III. Helaas zijn ze toen moeten terugkeren omdat de trekking naar de voet van de berg langs gevaarlijk terrein liep en ze het risico niet wilden lopen dat zij of hun dragers door rots geraakt zouden worden. Nu enkele maanden later zijn ze dan toch in het basiskamp geraakt, dit dankzij een helikopter wat blijkbaar ook geen simpele klus is geweest.


Jammer genoeg zal de enorme zuidoostgraat onbeklommen blijven, de eerste 1000m kan totaal niet veilig overwonnen worden. Woorden als hangseracs, sneeuw- en steenlawines en stromend water zeggen genoeg. Gelukkig is er een alternatief, de onbeklommen oostgraat van Annapurna III, ook niet niets:

“we have made a decision to change our objective the unclimbed East Ridge of Annapurna 3.  While being slightly technically easier, several expeditions have tried this route to the summit and have failed.  It will be no picnic and has a long and committing 2.5 km section to the summit above 7000m. The total length from the snow line is 7.5km”

Volg hun expeditie HIER. Ze brengen hun updates rechtstreeks van hun basecamp.

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag