Wachten op Joris

Tags

Een serene reportage en bezinningsmoment over zijn passie: de klimwereld. Sinds 7 juni rust Joris op Mount Mc Kinley na een klimongeval. Iedereen hoopt dat Joris gevonden wordt. Het wachten duurt lang. Samen bekijken we beelden van zijn expedities, stages, … Dit is geen afscheid maar een wachten op afscheid van Joris!

Dit is niet alleen een Mount Coach gebeuren, iedereen is welkom!

Vrijdag 9 juli 2010 om 20 u                  Klimax, C. Verschaevenstraat 15, 2870 Breendonk-Puurs

Groeten

Bart, Rudy, Marina, Griet

No news

Edelweiss, een symbool van vreugde en verdriet

Zowat alle MCers zijn naar de Alpen uitgezworven. Zelf ben ik net terug uit Chamonix. Niks spannends meer beleefd, enkel nog die ellendige Mont Blanc overgewandeld, om onze cursisten een plezier te doen. Dit weekend doorgebracht in het oranje-gekke Holland, bij mijn grootvader. De perfecte plaats om tot rust te komen, bij mijn (O)Pa van bijna 90.
De krant heeft bericht dat Joris “onvindbaar” zou zijn. Dat is niet waar, er worden nog steeds pogingen ondernomen om zijn lichaam te bergen. Maar het vliegweer is nog altijd even slecht en als er al een helicopter ter plaatse geraakt, hebben ze erg weinig tijd om te zoeken. Bij de vorige poging werd de rugzak gevonden, maar Joris niet.
Ben benieuwd of dit bericht ook als “ongepast” ervaren wordt… Wie van de MCers heeft nu nog zin om iets over klimmen te schrijven?

Sanne

Faces Nords and more

Tags

, ,

Zonsopkomst in de Tour Ronde noordwand

Na het indrukwekkende relaas van Sam, alle reacties en steunbetuigingen, tijd voor wat klimnieuws. Sinds vorige maandag ben ik in Chamonix voor het werk. Toen we aankwamen was het koud en bewolkt, als er af en toe een gat in de bewolking kwam, zagen we dat er nog erg veel sneeuw ligt in het hooggebergte. Bijkomende vervelende details, zoals het feit dat zowel de trein van de Montenvers als de lift van de Grands Montets gesloten zijn, maken het plannen van deze periode wat moeilijk. Onze cursisten zijn kandidaten voor een “mountain team”, de meesten zonder enige ervaring in de bergen, maar ook ene Stijn Dekeyser, jawel onze Stijn van MC1.

Spaltenberging nabij de Aiguille du Midi

We beginnen dinsdag met een klassieke ijsscholing. Minder klassiek is de instijg te voet naar de Mer de Glace, in plaats van in een half uurtje met de trein, doen we nu de instijg vanuit Plan de l’Aiguille in 2 uur. Dan een hele dag ijsscholing en weer terug, 1200Hm naar beneden. De kniën doen al pijn van dag 1… Woensdag nemen we de lift naar de Aiguille du Midi en geven sneeuwscholing in de voormiddag, gevolgd door de beklimming van de arête des Cosmiques. Een goede dag om te acclimatiseren. Donderdag opnieuw naar de Aiguille du Midi, waar we eerst een halve dag spaltenberging geven. Daarna steken we de Vallée Blanche over en overnachten in de Rifugio Torino. Het weer is ondertussen uitstekend, een zeldzaamheid in Chamonix. Nog zeldzamer zijn de uitstekende sneeuw- en ijscondities, het lijkt wel de maand mei.

Sanne op de top van Tour Ronde 3792m ©Stijn

Vanuit de Torino hut, ondernemen we vrijdag verschillende beklimmingen naar de Tour Ronde 3792m. Een cordéee doet de zuidoost graat, twee cordées in het Gervasutti couloir en Stijn en ik gaan voor de klassieke noordwand. Die ligt in uitstekende conditie en ook al is het een korte route, toch leuk om eens te doen. Door de zeldzaam goede condities, zijn we natuurlijk niet de enigen die dag, ondanks het feit dat we er vroeg bij zijn, zitten er al twee cordées in de wand. Na ons komen er nog een pak. We binden ons snel in en knallen simultaan door de wand van 400m, die twee cordées hebben we al snel ingehaald. Om 6 uur staan we op de top, twee uur vanuit de hut. Iets te snel dus, we dalen af en beklimmen er nog Aiguille d’Entrèves 3600m en Aiguille de Toule 3534m bij. Met de eitjes steken we de Vallée Blanche terug over en dalen af naar Chamonix.

Les Courtes noordwand met Voie des Suisses, 800m IV 3

Na deze opwarmer, tijd om verder te profiteren van de ijscondities. Zaterdag stijgen Steve Geerts, Stijn en ik in naar de refuge d’Argentière 2771m. Een lange instijg, want de lift van Lognan en de Grands Montets werkt niet. Vanuit de vallei een stevige instijg van 1500Hm. Onderweg bekijken we de condities in de noordwanden. We twijfelen tussen couloir Couturier op de Aiguille Verte 4122m en het Voie des Suisses (800m, IV 3) op de Courtes 3858m. We kiezen uiteindelijk voor die laatste. Een grote serac bovenin het couloir Couturier staat ons niet aan en in het Voie des Suisses zijn er geen objectieve gevaren. In de Argentière hut worden we uitstekend ontvangen door de gardienne. In de hut zit een volledige filmploeg met twee helikopters en ene Reinhold Messner. Ze draaien er een film over zijn leven. De halve eetzaal wordt in beslag genomen door een schmincktafel, computers met grote schermen en een rek kleren uit de jaren stillekes. Grappig. Der Reinhold is echter al snel weer weg, we krijgen hem niet te zien.

Steve en Stijn onderaan één van de steile passages ©Sanne

We focussen ons op de route. Twee jonge Zwitsers (voie des suisses…) hebben hem gisteren beklommen en van hen krijgen we wat extra info. Na het avondmaal kruipen we er vroeg in. Na het ontbijt vertrekken we om 0300Hr uit de hut. Het is gedaan met de winterse omstandigheden en we zweten ons kapot tijdens de instijg naar de wand. De rimaye (randspalt) op 3000m hoogte, geraken we enkel over helemaal links in de wand, waarna we een vettige traverse door te zachte sneeuw moeten doen om in onze route te komen. Stijn klimt het eerste derde van de route voor en krijgt al meteen een paar stevige passages door zacht ijs voorgeschoteld. Maar hoger op worden de ijscondities uitstekend en we klimmen simultaan door. Na een derde, neem ik over als voorklimmer en mag nog een steile goulotte van 75° voorklimmen. Daarna wordt de wand breder en minder steil (60°). Er volgen nog enkele mixte passages. Het ijs is dun en we slaan onze bijlen vaak op rots. Goede tussenzekeringen zijn zeldzaam. Op 250m onder de top neemt Steve over en klimt het laatste deel voor.

Steve in het bovenste deel van de wand ©Sanne

Om iets over 0800Hr staan we op de top. Een uitstekende tijd voor een cordée van drie klimmers en het is prachtig weer. Na een snelle foto, het besef dat we maar halfweg zijn. We hebben gekozen voor de afdaling via de col des Cristaux 3601m, zodat we weer aan de refuge d’Argentière zouden uitkomen. In de afdaling naar de Couvercle hadden we, gezien het feit dat de Montenvers niet rijdt, niet echt zin. Zodoende beginnen we aan de traversé van de Courtes. Een scherpe graat met enkele gendarmes, maar al gauw blijkt dat door de opkomende warmte, de sneeuw te zacht is geworden. We ploeteren door kniediepe papsneeuw en moeten erg voorzichtig zijn. De zomer is nu begonnen en natte sneeuwlawines glijden overal om ons weg. Na 3 uur ploeteren komen we aan op de Col des Cristeaux. Hier wordt al snel duidelijk dat afdalen extreem gevaarlijk wordt. Het is 1100Hr en bloedheet. We zijn nochthans mooi op schema, van traagheid kunnen we niet beschuldigd worden. Het is mooi weer en windstil. Na wat overleg besluiten we om de helikopter te bellen. Het is geen noodsituatie, maar als we aan die afdaling beginnen, zou het er snel eentje worden. Ik bel en de PGHM maakt er geen probleem van.

Stijn, Steve en Sanne op de top van de Courtes. Cham 3S ;-)

Na 20 minuten komt de heli en zet met de winch een redder bij ons af. Die zakt onmiddellijk tot aan zijn heupen in de papsneeeuw en begrijpt waarom we gebeld hebben. Eerst worden Steve, ik en onze rugzak opgewinched en afgezet aan de refuge d’Argentière. Stijn doet ondertussen een babbel met de redder. De mannen van de PGHM zijn blij dat we gebeld hebben, voordat de situatie kritiek geworden was. Bovendien zien ze dit soort interventie in mooi weer als een goede oefening. Nadat Stijn ook aan de hut afgezet is, pakken we onze boel in en dalen weer af naar de vallei. Een mooie beklimming op zak, jammer dat we niet alles op eigen kracht konden afdalen. Het had anders wel iets, à l’ancienne instijgen vanuit de vallei, naar de top en weer terug.

Het noordwandgevoel

We zijn hier nog tot woensdag. De sneeuw- en ijscondities zijn snel achteruit aan het gaan. De laatste dagen zullen we ons vooral focussen op rotsbeklimmingen.
Meer later,

Sanne

When bad luck comes in.

Mount Coach 2 in De Calanques, ©2007 Christophe Bingham

“…. Bad Luck ….”

Een zin die al enkele jaren is blijven hangen en voor wat er is gebeurd is het een veel te eenvoudig woord. Het komt uit een interview met de in 2006 overleden skier Doug Coombs. Hij speelt een belangrijke rol in de skifilm Steep, een film over de geschiedenis van het extreem skiën met veel intervieuws omtrent de genomen risico’s in de Bergen.

De laatste week was best druk, ik zou veel bedenkingen en gedachten kunnen delen maar omdat ik niet geheel tevreden geraak over wat ik neerschrijf zullen ze niet snel ergens verschijnen. Toch komen her en der reacties boven waarop ik best wil reageren. Dat deze bedenkingen worden gemaakt begrijp ik best, hopelijk worden de meeste vragen via dit bericht opgelost. Zijn er nog vragen, stel ze! Zijn er volgens jouw fouten gemaakt, wat is dan de link met het ongeval?

Joris en Sam in de Calanques, ©2007 Sanne Bosteels

Het moeilijkste gespreksonderwerp is het risico van de bergsport. Je hele leven is verbonden met een bepaald risico. In het dagdagelijkse leven heb je de gemakkelijke voorbeelden als aangereden worden door een auto, overlijden door een ziekte als kanker, etc. … Hoewel iedereen al wel een dergelijk overlijden van dichtbij heeft meegemaakt is de kans klein dat dit jouw overkomt. Ik ga geen cijfers opzoeken en me niet bezig houden met kansberekening maar als je aan een sport als alpinisme doet is de kans op een ongeluk met fatale afloop duidelijk groter, dat geef ik gerust toe. Hoe meer tijd je er aan besteedt hoe meer risico je loopt, dat is logisch. Toch is het ergens opmerkelijk hoe de lage dagdagelijkse levensrisico’s die de hele wereld iedere keer neemt probleemloos worden geaccepteerd door de massa en dat een hoger levensrisico als alpinisme als roekeloos gedrag bestempeld wordt. Waar ligt die grens?

Een ander interresant bericht zou kunnen gaan over “het waarom?”. Allemaal willen we ons leven zo lang mogelijk rekken en zoveel mogelijk meemaken, waarom we ons dan met zo een risicovolle sport bezighouden. Best moeilijk uit te leggen maar verdomd interessant. Dit doet me te ver afdwalen van dit bericht dus hierover ga ik zwijgen. Wel wil ik zeggen dat je als klimmer moet erkennen dat er altijd gevaren aanwezig zijn. Deze noemen we de objectieve gevaren: Steenslag, lawines, instortende seracs, gletsjerspleten, snel opkomend slecht weer, …  zelfs voor een relatief veilige tak als sportklimmen zijn er gevaren; denk maar aan steenslag of slechte haken. Als klimmer moet je erover nadenken en beseffen dat er iets kan gebeuren. De kans op zo een ongeval probeer je te beperken. Zo snel mogelijk door de gevaarlijke zones, vroeg vertrekken vroeg terug zijn, … Je kan niet in een gebergte komen zonder aan deze gevaren te worden blootgesteld! Dat moet je beseffen en aanvaarden.

Wat de Cassin betreft, dit was een behoorlijk veilige route, weinig losse rommel, je zit op een graat zodus bijzonder weinig passages dat je in de vallijn van ijs-, steen-, sneeuwlawines zit. Enkel de aanloop was tricky; slecht zicht en een moeilijk te vinden weg, een gevaarlijk couloir, een spaltenrijke gletsjer en een uurtje onder seracs door. We waren ons bewust van deze gevaren. Door vroeg te vertrekken en enkel op veilige plaatsen te pauzeren hebben we deze beperkt.

Joris op Piz Badile Noordgraat, ©2007 Yannick De Bièvre

Een veel terugkomende opmerking is; “ervaren alpinisten hoe kunnen deze jongens nu ervaren zijn?”

Joris was 27 en had zijn eerste alpiene stage op zijn 18, een domme methode maar als je het dan toch in jaren wil uitdrukken, 9 jaar ervaring. Stages met zwitserse gidsen, Jan Vanhees, het project Klimalaya en Mount Coach. Hoe het allemaal in elkaar zit durf ik niet zeggen maar Joris had enkele Bloso opleidingen afgerond en was al 2 jaar wachtende tot er genoeg geïnteresseerden waren voor de trainersmodule Bergbeklimmen. Zonder twijfel durf ik zeggen dat er weinigen in België zoveel materiaalkennis als Joris hadden. Zij die hem zagen klimmen in de zaal, op de rots of in het ijs zullen joris herrinneren als iemand met uiterst gecontroleerde en elegante bewegingen. Kortom, joris kan je moeilijk een amateur noemen.

Als ik mezelf moet beoordelen, mijn alpiene leven is in 2007 gestart met Mount Coach. Toegeven 4 jaar ervaring is in vergelijking met Joris enorm weinig maar daar kan je dan ook wel enkele kanttekeningen bij maken. Eerst wil ik je vragen van af te stappen van de gedachte hoeveel jaar ervaring je hebt maar eerder te denken aan het aantal weken je in de bergen vertoeft en wat je daar doet. Via het KBF zou je alle stages en opleidingen beginners tot gevorderden kunnen doorlopen (sportklimmen, alpiene rotsklimmen, alpinisme, ijsklimmen, tourskien). Iets wat je wellicht meer dan 5 jaar zal kosten. Dan mag je best wel zeggen dat je weet hoe je een beklimming moet aanpakken maar dat wil dan niet zeggen dat je volleerd bent. Dat ben je simpelweg nooit. Toch kan je op een verstandige en veilige manier de bergen in. Doet er zich een probleem voor dat je niet geleerd hebt vind je een manier om dit op te lossen en vraag je achteraf of dit een goede methode was en hoe je dit anders zou kunnen aanpakken. Nu heb je nog een probleem. En als ik rondhoor is dit het waar het in Belgie vaak stokt, … klimpartners.Wel, het mooie aan Mount Coach is dat het gehele stagepakket en die klimpartners allemaal samen komen.  Dat betekent meer dan 10 weken en 4 weekends in minder dan 2 jaar onze eigen trips niet meegerekend. Onze coachen geven eveneens stages bij het KBF dus dit lessenpakket zal heus niet verschillen, ik ben er zelfs van overtuigd dat wij als Mount Coachers het voordeel hebben dat onze coachen weten wat onze zwakke en sterke punten zijn.  Zij die iedere zomer een andere berggids voorgeschoteld krijgen zullen dit wellicht niet hebben?

Swat een lang verhaal kort. Ja, mijn 4de alpiene klimjaar is juist gestart, dat zijn weinig jaren. Ik heb geen vaste job, best veel vakantie dus uitgedrukt in weken zat ik afgelopen 3 jaar wellicht een 50 tal weken in de Alpen. In vergelijking met een werkende mens die echt al zijn vakantie opdoet aan klimmen (laten we zeggen 5 weken per jaar ) klim ik al 10 jaar. In vergelijking met iemand die 2 weken per jaar aan alpinisme doet klim ik al 25 jaar. Deze telling in weken maakt eigenlijk niet veel uit, want ik heb best al wat slecht weer uitgezeten. Eigenlijk moet je zien naar wat Joris en ik al gedaan hebben en dan gaan we oordelen!

Ik ga me zeker niet de ervaren en volleerde klimmer noemen. Wel ben ik ervan overtuigd dat we al genoeg geklommen hebben en zodus al genoeg ervaring hadden om de Cassin in te kruipen. Trek je dat nog in twijfel, mij geen probleem heb je zin om de twijfel luid te gaan verkondigen. Zet dan een link op deze site of laat het me weten dan vertel ik je wel wat we allemaal geklommen hebben en wil ik ook wel eens weten wanneer iemand volgens jouw klaar is voor de Cassin?

Joris in een drytoolroute te cogne, ©2009 Sam Van Brempt

Iets wat we vroeger met trots citeerden, krijgen we nu terug in ons gezicht.

“The Cassin Ridge: Alaska’s Testpiece”

Of wat in een reactie bij vorige post reeds aangehaald werd en op summitpost staat:

“Climbers completing the CASSIN RIDGE find themselves in a small fraternity of elite Alaska climbers. The route ascends the prominent ridge on the 8,000 foot south face that ends a few hundred yards west of the summit. It is steep, demanding, and committing. As a result, frivolous accidents are rare on the Cassin Ridge because only the most experienced climbers will think of attempting it.”

Deze quotes haal ik met plezier aan moest ik reclame maken voor onze expeditie. Nu nodigen ze echter uit tot nadenken. Eigenlijk durf ik wel zeggen dat deze overdreven zijn. De Cassingraat is dit seizoen door 3 teams geklommen en sinds zijn eerste beklimming zijn er waarschijnlijk een 50 tal teams, een 100tal man door deze route gekropen. Dit noem ik eerder een extreemklassieker. Ieder jaar plannen bijna 10 teams een beklimming. Moest het in Alaska beter weer zijn en het klimseizoen zou langer duren geraken deze alle 10 boven. De Denali Diamond met zijn lengtes 90° en M7+ dat dit seizoen zijn 7de beklimming had (door de Giri Giri Boys ) dat is een “Testpiece”. Een andere route om u tegen te zeggen en geen spek voor mijn bek maar voor velen is de Heckmeier door de Eiger eveneens de moeilijkste route ter wereld…

Dat de moeilijkheid van de Cassin hoog ligt wil ik gerust toegeven. Als je vluchtig bekijkt lees je 80 graden alpien ijs, 70 graden mixte en 5de graads rots dit voor 2500m tot een top boven de 6000. Als je die topo eens lengte per lengte bekijkt zie je 5 moeilijke lengtes . Hierover kunnen we discussiëren maar mag ik zeggen dat een steilheid van 60° in sneeuw en ijs niet moeilijk is? Deze 5 lengtes liggen allemaal onder de 5000m. Om op veilig te spelen hadden we besloten dat we de rugzak van de voorklimmer op deze plaatsen zullen takelen. De laatste 1000m naar de top is maximaal 50gr sneeuw en mixte. Zodus, de Cassingraat was van een niveau dat we beide zouden aankunnen. Het nieuwe was de zwaardere rugzak en de 3 dagen klimmen.

Joris en Sam in kamp 2 van Khan Tengri, ©2008 Sam Van Brempt

De plaats, de situatie en het moment van het ongeval bewijzen dan ook dat er geen verband is met de moeilijkheid. Even een opsomming:

Joris had juist het steilste stuk ijs van de route geklommen en relais gemaakt; We waren nog maar 2 uur bezig dus van vermoeidheid was nog geen sprake; Op het moment van het ongeval stond ik in het moeilijkste stuk, 1 bijl hield ik vast, met mijn andere hand hield ik Joris zijn rugzak vast zodat hij deze makkelijker kon ophalen. Mijn eigen rugzak droeg ik op mijn rug. Nu zal je me moeten geloven maar ik voelde me perfect en zelfs in dit steilere stuk ijs stond ik comfortabel. Een val heb ik niet gemaakt; We waren op 3900m hoogte, vergelijkbaar met een moeilijke lengte onder de top van een serieuze noordwand in de alpen, de 2 weken voordien hebben we geleefd tussen 4300m en 6200m. De last van de hoogte was miniem;

Wat er zich bij joris heeft afgespeeld is me een raadsel. Joris heeft een relais gemaakt op klemblok en friend. Joris was zijn rugzak aan het optakelen en op dit moment is deze uitgebroken. Dat die friend en klemblok niet ideaal geplaatst zijn is duidelijk, een relais hoort niet uit te breken, maar lag het aan de rots, het materiaal, of de plaatsing?

Joris in Presles , © 2007 Sanne Bosteels

Iets anders dat wel eens ter oren komt is de vraag of we niet te hard gepusht worden en waarom het altijd zo moeilijk moet zijn. Dat is een vraag die je je terecht kan stellen maar ook moet ik weer toegeven dat er een logische stijgende lijn in de moeilijkheidsgraad van mijn geklommen routes zit.  Van sportklimmen tot de eerste serieuze noordwanden. Ik weet waar ik momenteel kan inkruipen, wat op mijn grens ligt en waar ik al fluitend doorklim. Ik weet dat hoewel ik een stuk 90 graden kan klimmen ik niet moet denken aan 2 lengtes. Ik weet dat ik ondanks het feit dat ik al een jaar droom van Colton-Macintyre op de Jorasses deze route veel te dicht bij mijn limiet ligt en het nog lang zal duren eer ik er echt klaar voor ben. Als klimmer heb je een comfortzone en een limiet. Zolang je binnen die comfortzone klimt leer je bij maar ik ervaar dat ik het meeste leer als ik juist op die grens of er buiten klim. Voor een grote noordwand zal ik er altijd voor zorgen dat ik op de grens van mijn comfortzone klim zodus ver genoeg van mijn limiet blijf. Voor een goulotte waar je in kan terugkeren kan ik al iets buiten mijn comfortzone gaan. Voor 2 lengtes mixte die je om de meter kan afzekeren kan je best gevaarlijk dicht tegen je limiet komen. Net als je bij het sportklimmen of in een zaal over deze limiet mag komen.

Je geraakt geintresseerd in klimmen, leest verhalen over beklimmingen die je doen dromen en stilaan ben je niet meer geïnteresseerd maar eerder bezeten. Mijn dromen draaien niet alleen om een Changabang of een Shivling maar evengoed om een klassieker als Arètes Rochefort of De Biancograat. En zie, toevallig ben ik niet alleen bezeten door deze sport maar haal ik er ook ongeloofelijk veel voldoening uit en het beste van al het gaat me redelijk goed af en ben voor een deel bereid ernaar te leven. Begrijp me niet verkeerd ik brak in het rotsklimmen, ik zie mezelf niet als een goede alpinist, ik zie me enkel beter en beter klimmen. Ga je tegen een voetballer die best wel aardig op dreef is, er voor leeft en zich telkens ziet verbeteren zeggen dat hij het maar even moet laten vallen? Ik heb zin om te verbeteren in deze sport die me lief is, zonder iets over te slaan probeer ik zo snel mogelijk vooruit te gaan. Ik zie daar niets fout in, ook zie ik geen verband met het ongeval en het feit dat je snel wil bijleren.

Joris in Lau Bij

Joris in Lau Bij te Cogne, ©2009 Sam Van Brempt

Ook van onze coachen uit is er nog nooit druk geweest om grote dingen te doen. Mount Coach is een programma dat jongeren alles leert omtrent de bergsport maar wat je ermee doet moet je zelf beslissen. En of je er nu voor kiest om te studeren/werken en tijdens de vakantie een beetje te klimmen of je er zoals ik zoveel mogelijk tijd voor probeert vrij te maken. Daar laten ze je vrij in. Het gaat erom dat ik naar mijn klimdromen toe werk, dat ik wil blijven verbeteren en wil blijven vooruitgaan. Ik beslis voor mezelf welke stappen ik neem, en als deze te groot zijn zullen onze coachen de eersten zijn die me terugfluiten. Ik heb een grote schrik voor voorklimmersvallen, zelfs in een zaal als de klimax, dus je zal me niet snel in iets te moeilijk zien. Ook wordt er aan de jongste bende Mount Coachers, die technisch gezien verdomd goed is, duidelijk gemaakt dat ze rustig omhoog moeten kruipen. Dit zowel in het engagement als de moeilijkheidsgraad van routes. Als je door een 4 de graads goulotte geraakt wil dat niet zeggen dat je een 4 de graads wand met wisselende condities doorkan, dat weten we allen.

Was er een prestatiedruk en hoe zat het met het weer in Alaska? Ik kan niet ontkennen dat er een zeker druk is. Je werkt een half jaar naar deze expeditie toe, het is een kostelijk boeltje en je weet dat de slaagkansen door het weer en de strakke timing redelijk miniem zijn. Er is niemand die ons deze druk oplegt, het zijn wij die willen dat dit lukt, en dat lijkt me nog altijd behoorlijk logisch. Het grand beau van de alpen is in Alaska enorm zeldzaam. Deze gebergteketen staat bekent om zijn slecht en onstabiel weer. De grote stormen met de meters sneeuw zijn altijd uitgebleven. Het standaard weerbericht op 14.000 voet was “partly cloudy”. Dit betekende opstaan in een zonnetje met wolken tot 13.000 voet, tegen de middag trekken deze naar boven en vormen een plafond dat rijkt tot 17.000 voet en tegen de avond breken deze open en zakken terug weg. Sporadish hadden we een kleine sneeuwval (10cm max ) slechts 2 keer is er een goede 30cm gevallen. Voor ons vertrek naar Alaska was reeds duidelijk dat klimmen in een zonnetje practisch onbestaande was, maar ginder was het weer nooit een hindernis. Boven 17.000 voet zat je zo goed als altijd boven de wolken, lager hing het af van het tijdstip van de dag, De 2 belangrijke factoren waren de wind en verse sneeuwval. Na een onverwachte sneeuwval op zaterdag kregen we ’s avonds volgens beide weerpatronen groen licht. 4 dagen (verder werd niet voorspeld ) partly cloudy. Enkel voor de aanloop, en de start van de beide rotsbanden was zicht van belang. Er mocht geen te grote sneeuwval zijn, dit zou ons te veel vertragen. En op de topdag mocht het niet te koud zijn of te hard waaien. Ook na het ongeval is het weer redelijk goed gebleven (een stabiele luchtdruk rond 1011 ). Het grote probleem was dat ik in die vaste wolkenlaag zat, hoger op de Cassin zou ik voornamelijk een zonnetje hebben gezien en dat de helicopter van ver moest komen. 110km, 3700Hm en vele bergpassen, zie naar de webcams van Courmayeur en Chamonix nog geen 10 km van elkaar verwijderd en je begrijpt dat het moeilijk overal goed weer kan zijn.

Joris in Vallon Du Diable, © 2008 Sanne Bosteels

Waarom die zelfpromo en een site? Ten eerste is er geen betere methode om mijn omgeving en andere geïnteresseerden op de hoogte te houden van mijn beklimingen. En als ik via deze site een complimentje krijg is dat best aangenaam. Ja, er zijn enkele enorm stevige klimmers in België. Op een weekendje kruipen ze door een zware noordwand en maandag gaan ze terug werken. Slechts enkele krijgen te horen waar zij dat weekend zaten en dan wordt alles terug vergeten. Een enorme prestatie waar ik mijn petje voor af doe en het maakt me helemaal niet uit dat zij er liever over zwijgen. Maar geloof me voor die 2 reacties op onze blog ga ik heus niet naar de alpen rijden, 3 uur aanlopen, 16 uur klimmen, 6 uur afdalen, terug huiswaarts rijden en 150euro van mijn rekening zien verdwijnen.Als ik morgen een route wil klimmen vind ik het zalig dat ik buiten die quotatie kan zien hoe de route eruit ziet, waar de crux ligt, dat er in de 4 de touwlengte 2 pitons hangen, dat ik simpelweg al kan zien dat de route in conditie is ,… Waarom zouden we deze informatie niet delen met anderen?

Ik heb het in België te veel naar mijn zin om me volle 100 percent op klimmen te richten. Maar als er zich ooit de kans voordoet om dit klimmen op een professionelere wijze (een gesponsorde klimtrip, als berggids, een foto, een geschreven artikel ) te combineren met mijn ander interesses zal ik deze zeker grijpen. Als ik dankzij deze verslagen en foto’s in de verre toekomst een materiaalsponser zou kunnen regelen en zo geld kan uitsparen of meer tijd in de bergen kan doorbrengen? Vertel me waarom niet?

Joris op 17.000 voet in Alaska, ©2010 Sam Van Brempt

Graag zie ik reacties? Wat zijn jullie bedenkingen bij dit hele gebeuren, dit project, alpinisme in Belgie, ik hoor ver onduidelijk gemompel maar wat denkt die oudere generatie klimmers, wat denk je van mijn opmerkingen, begrijp je als klimmer/wandelaar/of toevallige voorbijganger wat ik denk of mankeer ik toch iets, … (Hoewel ik dat niet zie weet ik dat er een hoopje taalfouten instaan )

Ik ben een grote jongen, kan best tegen een stootje en ben heus niet zo koppig dat ik je nooit gelijk zou geven. Dus vertel me maar wat je wil. Ik hoop enkel dat ik geen ongepaste reacties moet verwijderen. Alsjeblief, denk aan je woorden, en denk vooral aan de famillies die enorm moeilijke tijden doormaken!

Sam

Joris en Sam in de tent onderaan de Cassin, ©2010 Sam Van Brempt

Stilte na de storm

Tags

, ,

Een week geleden werd Sam van de berg gehaald en sinds maandag is hij weer thuis. Het lichaam van Joris bleef achter en is nog steeds niet geborgen. De aandacht van de pers is na de door Sam gegeven persconferentie van afgelopen maandag weggeëbt.
We blijven allemaal wat verslagen achter en het is even stil op onze website. Onze zorg gaat momenteel uit naar de berging van Joris, maar er is gewoonweg geen nieuws uit Alaska.

Met de hele groep van MC zijn we samen gekomen en we hebben elkaar goed kunnen ondersteunen. We hebben de belangrijke beslissing genomen om volgende maand niet op expeditie te gaan met MC3 naar Tadjikistan. Er waren verschillende problemen om de logistiek rond te krijgen, er dreigt burgeroorlog over te waaien vanuit Kirgistan en natuurlijk staan onze hoofden nu even niet naar een expeditie. Maar uitstel is geen afstel. Dankzij onze verschillende sponsors hebben we een aardig bedrag op de rekening staan en dat gaan we zeker nog aan een expeditie besteden. Dat zal echter pas voor volgend jaar zijn.

Deze zomer gaan we wel naar de Alpen. In het kader van het idee MC+ vorming, beginnen we vervroegd aan een opleiding Bigwall-klimmen. Dat zal doorgaan in de Alpen, in Noord-Italië, waar Yosemite-achtige valleien te vinden zijn. Aansluitend gaan we een hooggebergte-bijscholing doen en wat mooie beklimmingen proberen te realiseren. Want we beseffen allemaal dat het leven ondanks alles gewoon doorgaat en stoppen met klimmen is gewoon geen optie.

Deze site zal langzaam aan weer op toeren komen en nationaal en internationaal klimnieuws brengen. Dit in alle respect voor onze overleden klimmakkers, die ondertussen met z’n vieren zijn in het klimmersparadijs.

Sanne

Opgelucht wegzinken

Ik moet veel kwijt maar met qwerty typen gaat me niet zo goed af dus het zal toch minder blijven. maar ik beloof jullie een mooi stukje tekst de dag ik thuisben. Het merendeel van mijn foto’s liggen met al het materiaal nog op de berg dus dat zal voor nog later zijn.

Maar eerst het belangrijkste. Graag had ik Joris mee van de berg gekregen maar Joris ligt nog altijd op de gletsjer waar ik gisteren ben opgepikt. Het heeft de afgelopen dagen heel veel gesneeuwd en ligt verborgen onder een goed pak sneeuw. Maar geen paniek, erg is dit niet, de locatie is  duidelijk gemarkeert dus zodra er  goed weer aankomt, een zogenaamd “window”, want op Denali kennen ze voornamelijk slecht weer pikken ze hem op. Daarjuist hebben ze nog eens geprobeerd maar de reden dat het voor mij zolang heeft geduurd en voor Joris waarschijnlijk voor het weekend niet zal lukken is dat de helicopter met best veel moet rekening houden. Over een afstand van misschien wel 50 km en een hoogteverschil van 4000m moet het weer perfect zijn.

De reden van het ongeluk is inderdaad een uitgebroken relais. Hoe deze relais is kunnen uitbreken is onduidelijk en zullen we nooit weten de verschillende denkpistes in mijn volgend bericht. Joris heeft een val gemaakt van 60 meter en is zo goed als zeker onmiddelijk overleden aan een hoofdletsel, hij had zijn klimhelm aan. Samen met 2 japanners hebben we joris naar bedenen gebracht.

Denkend dat de helicopter snel zal arriveren ben ik bij joris gebleven. Door het continue slechte weer, bij mij of op de vliegbasis heeft de redding 4 dagen op zich laten wachten. Ik houd er enkel licht geirriteerde vingertoppen aan over.

Daar alleen zijn was ongeloofelijk vermoeiend. Van verdriet om Joris en wat voor een ravage dit bij iedereen achterlaat tot paniek of ze me wel komen ophalen voor mijn gas en eten op is en wat dan de beste keuze zou zijn.

Na de opluchting van gisterennacht zakt mijn hoofd stilaan richting Joris, zijn vriendin Griet, zijn famillie en vrienden af. het zijn veel te eenvoudige woorden maar hou jullie sterk.

Verder enorm veel dank aan Yannick en Sanne voor al de moeite de afgelopen maand en zeker het werk en de steun de laatste week.

Iedereen die me berichten heeft gestuurd via Satphone, GSM, feestboek, MC site. Ookal lees ik het merendeel nu, … Dankjewelle, dat deed en doet ons/me goed

En Sanne, Christophe, J.P. in volgend bericht uitgebreider maar ik blijf het jullie zeggen. Merci, merci, merci,… om mijn hoofd 3 jaar geleden dat leventje in te duwen.

Sam

Sam is gered!!!

Tags

,

Sam is gered en in goede gezondheid!

Vanochtend is een reddingshelikopter er eindelijk in geslaagd om Sam te evacueren. Het was een snelle actie, met gebruik van de winch. Helaas was het niet mogelijk om ook het lichaam van Joris te bergen.
Na een kort telefoongesprek met Sam onthoud ik de belangrijkste punten: Sam verkeert in goede gezondheid en heeft dus ook geen bevriezingen. Hij klonk goed, opgelucht dat hij eindelijk uit die ellendige situatie gered kon worden. Maar tegelijk voelt hij zich erg slecht over de dood van Joris en het feit dat hij zijn klimpartner nu heeft moeten achterlaten. Nu ligt hij te slapen, zijn eerste nacht zonder lawines…
Dat Sam in goede gezondheid verkeert is niet zo evident. Als je in Alaska op meer dan 3000m hoogte, bij temperaturen rond -25°C en in erg slecht weer zit, dan kan enkel een stalen wil en hard werken er voor zorgen dat je overleeft. Sam heeft overleefd door zich schuil te houden in de randspalt, met de bibler tent als bivakzak. En door regelmatig sneeuw te smelten, warm te drinken en te eten.
We hopen dat hij zo snel mogelijk naar huis kan komen. Gelukkig is hij niet alleen. Wouter en Jeroen zijn bij hem en zorgen voor de opvang. Deze twee Nederlanders hadden de zelfde route als doel en waren vorige week al afgedaald. Het is fantastisch dat ze daar nu gebleven zijn om de redding van Sam van nabij te volgen en hem op te vangen. Bedankt jongens!!
Een zorg minder, maar nu is het afwachten wanneer het lichaam van Joris geborgen kan worden. Vooral voor Griet en de ouders van Joris is de leidensweg nog niet afgelopen. Onze harten gaan naar jullie uit. Ik probeer ondertussen de persstorm op te vangen. Vergeet het dus maar om dat telefoonnummer van Sam proberen vast te krijgen.

Sanne

Eerst de levenden, dan de doden

Tags

,

Sam bevindt zich nog steeds in de buurt van de omcirkelde plek rechtsonder

Ik wil iedereen bedanken voor de talloze reacties en steunbetuigingen die we de afgelopen dagen ontvingen. Maar laat ons nu allemaal heel hard duimen dat Sam in de komende uren uit zijn penibele situatie gered kan worden. Hij zit nu al sinds maandag geblokkeerd op de gletsjer onderaan de Cassin ridge, in heel slecht weer en met het lichaam van Joris naast zich. Hij heeft weliswaar voldoende eten en kan sneeuw smelten, maar dat is zowat het enige goede nieuws. De batterij van z’n satelliettelefoon volstaat nog amper om één keer per dag een smsje te sturen. Hij hoort de helikopters vliegen, maar ze kunnen hem nog niet bereiken.
De rangers hebben ons verzekerd dat hij voor het weekend gered zal worden, maar dat is, met het tijdsverschil, nog steeds twee dagen. Onze hoop gaat uit naar de volgende nacht. Een update volgt, het snelst op de facebook pagina van Sam.

Ondertussen een overzicht van de vele reacties in de pers:
De Anchorage Daily News, die als eerste een correcte berichtgeving gaf, die vaak in onze kranten overgenomen is.
Een correct artikel in De Standaard van vandaag.
Een uitgebreid artikel in De Morgen.
De berichtgeving bij VTM.
En heel beknopt bij de stakende VRT.
Tot slot een reactie op Radio2 Antwerpen vanavond. Tussen minuut 12 en 17.

Zowat in alle kranten zijn er artikels over verschenen, de ene al wat respectvoller dan de andere. Een groepsfoto van MC2 met rouwrandjes over de omgekomen klimmers, dat vind ik er over… Zo worden de wonden bij de ouders van An, Hans en Koen weer opengereten. Dat de link gelegd wordt is onvermijdelijk, maar er een optelsommetje van maken vind ik niet correct.

Zodra Sam geëvacueerd is, zullen we er voor hem staan en ik hoop dat de pers dan op een respectvolle afstand blijft. Zijn ervaring van de afgelopen dagen zal al traumatisch genoeg geweest zijn.

Sanne

Tags

, ,

Deze morgen omstreeks 04u30 kreeg ik een telefoontje met vreselijk nieuws uit Alaska. Bij een val in het Japanese Couloir op de Cassin ridge van Denali is Joris Van Reeth omgekomen door een ernstige hoofdwonde.

Met hulp van 2 Japanse alpinisten is Sam naar veilig terrein aan de voet van de berg geraakt. Ze zijn er ook in geslaagd om het lichaam van Joris naar beneden te brengen. Momenteel wacht hij daar nog op de helicopter die hen pas kan komen ophalen als het weer verbetert. Hopelijk zal dit niet meer te lang duren.

Verdere details over de oorzaak van het ongeval zijn nog schaars en momenteel overbodig. Onze gedachten gaan in de eerste plaats uit naar de vriendin, ouders, familie en vrienden van Joris. Ook voor Sam zal dit één van de langste en meest eenzame nachten ooit worden…

Er is contact met Sam, de lokale rangers en het consulaat.

This morning, at around 04.30 I received a phone call from Alaska bearing horrible news. After a fall in the Japanese Couloir on the Cassin Ridge on Denali, Joris Van Reeth suffered a severe head injury and died.

With the help of two Japanese climbers, his partner Sam was brought down safely to the base of the mountain. They also managed to retrieve Joris’ body. At the moment, they are waiting for a clear weather window so the chopper can come and pick them up. Hopefully this won’t take long anymore.

More details on the cause of the accident are rare and unnecessary at the moment. Our thoughts are with his girlfriend, parents, family and friends. For Sam this will be one of the longest and loneliest nights of his life.

There is a line of contact with Sam, the local rangers and the consulate.”

Denali update 9: van twijfel naar opwinding!

“Aan het aanlopen via Wickwire shortcut met weinig zicht. Veel spaltenspringen en 60° afklimmen. Staan nu met tent in rimaye. Morgen zijn we weg.”

Het laatste smsje dat we ontvingen uit Alaska belooft veel goeds. Het slechte weer is wat aan het omslagen. Zo liggen de temperaturen volgens meteoexploration rond de -7, al veel aangenamer als de -25° van de vorige weken. De beloofde 30cm sneeuw die van maandag op dinsdag zou vallen is nu ook al teruggeschroefd naar 8 en ook de wind blijft stabiel aan 20 à 30km/u blazen. Hopelijk snel meer nieuws, maar het lijkt alsof ze toch nog wat technische klimmeters aan hun palmares gaan mogen toevoegen.

Op de site van wildsnow (Amerikaanse top-tourskiwebsite) las ik dat er gisteren een serieuze lawine richting het 14000voetkamp naar beneden kwam van de westrib. Of Sam en Joris er toen aanwezig waren weet ik nog niet, in ieder geval stopte ze op tijd voor het kamp te bereiken…

Iemand riep 'ruuuuun' door het hele kamp en dit is het resultaat. (c) Wildsnow

De 2 Nederlanders Jeroen Van Dijck en Wouter Vels keren binnenkort weer terug. Zij hebben beide ook op de top gestaan maar niet via de Cassin-ridge, hun oorspronkelijke doel. Hun verhalen kan je op deze website volgen. Veilig thuis jongens en proficiat!

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag